In de ring: bezoeker vs. kunstenaar

De tentoonstelling is wat de bezoeker te zien krijgt. Het resultaat maar niet het achterliggende proces, wat er allemaal gebeurd is vooraleer de deuren voor de vernissage opengingen. Het tipje van een artistieke ijsberg. Als kunstenaar maak je een omgekeerde oefening: van veel verwachtingen, over hoeveel werk je niet zal kunnen brengen, de fijne samenwerking met de curator of galerist en de grote publieke interesse, naar een soms confronterende realiteit in het resultaat, de tentoonstelling.

De tentoonstelling

Om de mogelijke mismatch en miscommunicatie tussen alle betrokken partijen enigszins voor te blijven, werd het project Rizoom* niet louter als tentoonstelling opgezet, maar flankerend als een lerend netwerk voor de deelnemende kunstenaars. Het lijk makkelijker en vooral veiliger om vanuit kunstwerken te vertrekken die wel of net niet bij elkaar passen, maar hoe dan ook tot een expositie leiden waar de bezoeker een rode draad in kan vinden. Hoe de kunstenaars achter die werken zich dan ook gedragen, speelt in die optiek minder een rol. Als het eindresultaat er maar mag wezen.

Voor Rizoom werd resoluut gekozen voor kunstenaars met een gelijkaardig profiel, en bijgevolg gelijkaardige dromen en uitdagingen op het vlak van hun kunstenaarschap. Door hen op diverse momenten samen te brengen, leren ze niet enkel elkaar maar ook elkaars werk beter kennen en begrijpen. Met als stip op de horizon een tentoonstelling die dan ook nog eens bezoekers wil aanspreken, creëer je zo een traject waarbij alle mogelijke issues aan bod komen.

Om die reden is het misschien wel interessant om eens het logboek van de organisator open en bloot op tafel te leggen. Hierna volgen enkele reflecties waarbij telkens de afweging gemaakt werd hoe een balans te vinden tussen de verwachtingen van de kunstenaars en die van de bezoekers.

De bezoeker

De bezoeker weet dus niet wat hij niet weet. Hij ziet enkel het resultaat. Hij weet niet welke gesprekken er gevoerd werden om tot bepaalde keuzes te komen. Welke werken de kunstenaar allemaal met heel veel liefde had meegebracht, maar die onder het motto van kill your darlings dezelfde dag al terug mee mochten naar huis. Hoe er een evenwichtsoefening werd uitgevoerd tussen de ruimte – en soms ook wel de beperking ervan – en het werk dat zich heel graag wil presenteren.

Nochtans zijn bezoekers heel nieuwsgierig en willen ze ook wel peilen naar wat de drijfveren waren van de tentoonstelling. Waarom die kunstenaars, waarom dat werk? Het zijn dingen die ze misschien niet direct heel expliciet benoemen of bevragen bij een bezoek, maar onderliggend voel je wel die nieuwsgierigheid. Laten we het misschien ook een vorm van betrokkenheid noemen. Uiteindelijk komt ook geen enkele bezoeker naar een tentoonstelling met de hoop dat het op niks trekt. De bezoeker wil net als de organisator, curator en kunstenaars dat het een leuke, boeiende, geslaagde tentoonstelling is.

Een essentiële vaststelling is wel dat je bezoekers niet allemaal over dezelfde kam kan scheren. Sommigen bereiden zich voor, hebben de teksten en bio’s van de kunstenaars al bekeken, weten ook al naar welke werken ze op zoek zijn om die in het echt te zien. Je hebt uiteraard de 3F-bezoekers (family, friends and fools), die overigens ook meestal met de beste bedoelingen aanwezig zijn, al was het maar uit sympathie voor de kunstenaar, terwijl ze het werk misschien minder verteerbaar vinden. Maar de gunfactor blijft wel groot. Ervaren bezoekers brengen een heel referentiekader mee, met daarbij horend ook verwachtingen. Je kan nu eenmaal niet ontkennen dat hoe meer je kijkt hoe meer je ziet. En dan zijn er nog de die-hards, zij voor wie alle kunst wel kan, maar een woordje uitleg, bijvoorbeeld van de kunstenaar zelf, kan zeker geen kwaad.

Bovendien speelt ook nog de manier waarop de bezoeker zich fysiek beweegt in de tentoonstelling. Volgt die mooi het op een of andere manier uitgezette pad van de tentoonstelling, of loopt die direct doorheen de ruimte, om de sfeer op te snuiven, of om dringend een toilet achteraan op te zoeken. Het maakt niet uit, maar het beïnvloedt natuurlijk wel de beleving van de expositie.

En de kunstenaar: die keek ernaar, want op bezoekers heb je sowieso geen of weinig vat. Je kan achteraf mijmeren, evalueren en voornemen om het de volgende keer anders te doen.

De kunstenaar

Vanuit het Rizoom-traject kan je ook wel een en ander bijleren over kunstenaars en hoe zij naar de wereld – lees bezoeker – kijken. Toegegeven, het is een beetje een bijzondere groep, nl. kunstenaars die al iets ouder zijn, niet de kans hebben of gehad hebben om ten volle met de kunst bezig te zijn, maar niettemin toch de ambitie en goesting hebben om er alsnog hun weg in te vinden.

Dan krijg je kunstenaars met weinig ervaring met exposeren, soms ook bewust vanuit een eerder bescheiden en introverte insteek. Vanuit een relatief veilige omgeving, solidair met de collega’s, zie je hen toch groeien in zelfvertrouwen om er iets moois van te maken. Zelfs in die mate dat verwachtingen inzake zichtbaarheid en verkoop wellicht toch even bijgesteld moeten worden. Maar een beetje adrenaline kan natuurlijk geen kwaad.

Daar staat dan wel tegenover dat er ook van hen iets verwacht wordt. Het willen meedenken in de selectie en de presentatie: leg maar eens uit wat less is more betekent. Om alsnog te denken in termen van de overkoepelende presentatie. Zeker als de ruimte zowel mogelijkheden als beperkingen vertoont. Gelukkig vertaalt enthousiasme zich in een actieve inbreng wat communicatie via social media betreft, de niet in vraag gestelde aanwezigheid op de expodagen en een onuitputtelijke energie om bezoekers te woord te staan.

Door het opzet om samen het project uit te rollen, creëer je in elk geval een groter gevoel van eigenaarschap, wat ongetwijfeld bijdraagt tot de individuele ontwikkeling als kunstenaar.

Legacy – wat blijft over?

Dat blijft wel de hamvraag. Wat nemen bezoekers mee naar huis? In het beste geval een kunstwerk – iets waar ze hun hart aan verloren zijn. Maar even waardevol is een warm gesprek, iets wat hen dichter bij het werk brengt zoals een kaartje of catalogus of de beleving op zich. Kunst is nu meer dan een hobby of passie. Het is gewoon gezond zoals uit een recent boek blijkt.°

En de kunstenaars: die keken niet alleen toe, maar hebben vanuit de gesprekken met andere kunstenaars en bezoekers ongetwijfeld extra miles gedaan in hun kunstenaarschap. Zo is de cirkel rond: van een tentoonstelling voor bezoekers tot een tentoonstelling van kunstenaars.

++++++++

*Rizoom – tentoonstelling met werk van artistieke laatbloeiers met ambitie. Nog te bezoeken op zondag 7 juni (van 10 tot 18u) in deWeverij, Dellaertsdreef 9, 9940 Evergem (Sleidinge).

Meer info over de specifieke aanpak: www.deweverij.be/rizoom.

° Daisy Fancourt, De wetenschap van kunst en gezondheid, Uitgeverij Ten Have, 2026

Dit bericht werd geplaatst in Geen categorie. Bookmark de permalink .